Stel, je volgt voor een ‘buitenplanse omgevingsvergunning’ (BOPA) de reguliere procedure. Keurig volgens de Omgevingswet. En toch kan deze BOPA worden vernietigd, omdat je de verkeerde procedure hebt gevolgd. Hoe dan? Dat heeft te maken met een internationaal verdrag dat in 1998 in een Deense stad werd ondertekend.
Aarhus-besluiten
Je BOPA is bedoeld om een (willekeurig) groot bouwproject met enige impact voor het milieu mogelijk te maken. Hiervoor doorloop je dus netjes de reguliere procedure. Dat is immers het procedurele uitgangspunt van de Omgevingswet.[1] En zoals gewoonlijk, kan hiertegen bezwaar worden gemaakt.
In beroep zwaait een natuurorganisatie echter met het Verdrag van Aarhus. En wanneer de bestuursrechter vaststelt dat er sprake is van een Aarhus-besluit, dan zal je omgevingsvergunning (zeer waarschijnlijk) worden vernietigd. Je had namelijk de uitgebreide openbare voorbereidingsprocedure[2] moeten volgen. Ik noem het hierna maar even een ‘uitgebreide procedure’.
Maar de Omgevingswet schrijft toch voor dat ik voor een BOPA de reguliere procedure moet volgen? Ja, dat geldt voor vele BOPA’s. Alleen bij zogenaamde Aarhus-besluiten moet er inspraak[3] plaatsvinden wanneer alle opties nog open zijn en er dus nog daadwerkelijk invloed kan worden uitgeoefend op het besluit. De inspraak moet namelijk effectief en tijdig zijn. En de uitgebreide procedure wordt aangemerkt als inspraak in de zin van het Verdrag van Aarhus.[4] Dat geldt niet voor een bezwaarprocedure. Inspraak moet namelijk vóór het besluit plaatsvinden, in een fase waarin alles nog openstaat.
Omgevingswet
Zeker, voor een aantal besluiten bepaalt de Omgevingswet dat de uitgebreide procedure geldt.[5] Hierbij wordt zelfs verwezen naar activiteiten in de zin van het Verdrag van Aarhus, maar daar valt de BOPA niet onder.[6]
Wel is het mogelijk[7] dat B&W besluiten dat er voor een BOPA toch een uitgebreide procedure doorlopen moet worden. Maar dat is geen verplichting. B&W ‘kunnen’ dit besluiten.
Dat een BOPA ook de uitgebreide procedure moet doorlopen wanneer hiervoor een milieueffectrapport moet worden gemaakt (dus een m.e.r.-plichtige activiteit),[8] wil nog niet zeggen dat alle BOPA’s met (mogelijk) enige ‘milieu-impact’ deze uitgebreide procedure moeten doorlopen.
Deze uitgebreide procedure is immers onder de Omgevingswet niet meer verplicht wanneer uit de m.e.r.-beoordeling volgt dat er geen milieueffectrapport hoeft te worden opgesteld (geen m.e.r.-plicht). Dit terwijl ook m.e.r.-beoordelingsplichtige projecten kunnen vallen onder de Aarhus-besluiten. Onder de ‘oude’ wetgeving was dit bij ‘kruimelgevallen’ overigens niet mogelijk, omdat onder dat wettelijk regime ook de uitgebreide procedure doorlopen moest worden, zodra werd vastgesteld dat er sprake was van een ‘mer-activiteit’.[9]
Onder het nieuwe wettelijke regime is de uitgebreide procedure dus pas verplicht wanneer[10] is vastgesteld dat een milieueffectrapport moet worden opgesteld.
Procedureel dingetje
Al met al een bijzonder procedureel dingetje. De Omgevingswet schrijft voor dat je een reguliere procedure moet volgen voor een bepaald besluit en in beroep sneuvelt dit besluit omdat je een verkeerde procedure hebt gevolgd.
Dat dit scenario niet ondenkbaar is, is al eerder gebleken. Zo ging in 2021 een natuurvergunning onderuit, omdat dit besluit (overeenkomstig de wet) was voorbereid met een reguliere procedure, maar – in strijd met het Verdrag van Aarhus – niet met een uitgebreide procedure.[11]
Dus: is er sprake van een Aarhus-besluit of twijfel je hierover (het afbakenen wat een Aarhus-besluit is namelijk nog niet zo eenvoudig), neem dan geen (proces)risico en doorloop voor je besluit (dat kan dus ook een BOPA zijn) de uitgebreide procedure!
Bron: een interessant artikel van mr. M.J.O. Copier, mr. S. Hilligers en mr. T.E.P.A. Lam over “De (moeizame) relatie tussen de BOPA en het algemeen bestuursrecht,” TBR 2024/153, (mede) voorzien van een eigen sausje.
[1] Artikel 16.62 Omgevingswet.
[2] Afdeling 3.4 Awb.
[3] Artikel 6, lid 4 van het Aarhus-verdrag.
[4] ABRvS 6 juli 2022, ECLI:NL:RVS:2022:1907, r.o. 7.4.
[5] Artikel 16.65 Omgevingswet.
[6] Artikel 10.24, lid 1, onder d (een milieubelastende activiteit) en onder j (een Natura 2000-activiteit). De BOPA is ook niet genoemd in de andere ‘uov-plichtige’ besluiten van artikel 16.65 Omgevingswet.
[7] Op grond van artikel 16.65, lid 4 Omgevingswet, als het gaat om activiteiten die aanzienlijke gevolgen voor de fysieke leefomgeving hebben en waarbij wordt verwacht dat er bezwaren van belanghebbenden zijn.
[8] Artikel 16.50 Omgevingswet.
[9] Als bedoeld in onderdeel C en D van de bijlage bij het Besluit m.e.r.
[10] Aan de hand van kolom 2 en 3 van Bijlage V bij het Omgevingsbesluit.
[11] ABRvS 14 juli 2021, ECLI:NL:RVS:2021:1507, r.o. 5.7.